0 Inleiding

Naar huis, Boeddhistische levenskunst van Ethan Nichtern is een andersoortig filosofieboek dan we gewend zijn te lezen, maar deze oosterse manier van denken en leven levert de lezer wel het een en ander op. Het boek is allereerst een beschrijving van het Tibetaanse schambhala-boeddhisme gebaseerd op de ideeën van Chogyam Trunga Rinpoche, een stroming die naast andere vormen van Boeddhisme staat. De schrijver probeert een introductie te geven rond de hoofdvraag van het ‘thuis komen of zijn’. Waar en wanneer voelen we ons thuis? En hoe gaan we om met de angsten en onzekerheden van het gevoel niet thuis te zijn? Het Boeddhisme onderzoekt de reis van de mens: hoe komt het dat we het gevoel van thuis zijn, zijn kwijtgeraakt? Wat maakt dat we lastige aspecten in contact met anderen vermijden en tenslotte dat het lastig is om een samenleving op te bouwen met daarin onderling vertrouwen, tevredenheid en liefde. Daarbij probeert Nichtern deze boeddhistische stroming te actualiseren en te koppelen aan zijn leven in New York. Hij is als leraar betrokken verschillende opleidingen en centra en daarbij probeert hij zowel de persoonlijke ontwikkeling, het deel uit maken van een sociaal verband en de politieke en maatschappelijke dimensie van het leven bij elkaar te houden. Dit is terug te vinden in de vier delen van het boek:
- Deel 1: De reis van zelf-gewaarzijn.
- Deel 2: De reis van relaties.
- Deel 3. De heilige reis.
- Deel 4. De reis van de Samenleving.
1. Hoofdlijnen.
Nobele waarheden

Nichtern beschrijft vier uitgangspunten van het Boeddhisme die hij nobele waarheden noemt. De eerste is dat elk mens worstelt met het leven en dat het goed is om dit toe te geven. Het is zinvol om vrij van schaamte of verlegenheid het leven tegemoet treden en deze worsteling, die iedereen heeft, delen met anderen. De tweede is dat we vaak niet goed weten waar ons thuis is of waar we thuishoren. Het lijkt er op dat we thuis ergens anders zoeken dan waar we zijn. Het brengt ons tot een uitputtende nomadentocht.
De derde nobele waarheid is dat ieders leven nooit één verhaal of een rechte verhaallijn is. Een mensenleven is meervoudig en zit vol kuilen en mooie momenten. We moeten dus niet in de valkuil van geïdealiseerde levensvisies vervallen. Als we een andere realistische verwachting hebben vinden we makkelijker de weg naar ons thuis. Tenslotte en dat is het vierde uitgangspunt en als je de vorige punten kunt aannemen en uitvoeren, is er een weg mogelijk. Dan kun je je het leven waarderen zoals dit op je weg komt. Dit is de weg van hoofd-hart en thuis komen in het hier en nu. En dan ontwikkel je ook het vertrouwen dat dit mogelijk is en ga je het steeds meer zien. In een citaat:
Als we echt het gevoel hebben dat we hier thuis zijn, ervaren we een gevoel van ontspanning. Die ontspanning is het gevolg van het feit dat we niet langer hoeven te vechten tegen geïdealiseerde denkbeelden over ons andere, betere ‘ik’. Idealen waar we per definitie niet aan kunnen voldoen. Langzaam maar zeker verdwijnen de schaamte en de schuldgevoelens over wie we zijn. Bevrijd van diep gewortelde gevoelens van zelfkastijding nemen we de verantwoordelijkheid voor wat er met ons gebeurt. We herkennen glimlachend onze eigen mentale handelingsbekwaamheid. p.22
Hoofd-hart

De nobele waarheden zijn de weg om aanvaarding en ontspanning te vinden in de ruimte van de eigen gedachten, waarnemingen en emoties. ‘Thuis zijn’ is dan vrede hebben met de dingen en vertrouwdheid ervaren bij je eigen persoon. De totaliteit van de persoonlijke ervaring, het gewaar zijn omvat zowel cognitieve, emotionele als intellectuele processen. Deze combinatie van dingen die in je hoofd omgaan zowel als in je lichaam (hart) ziet de schrijver als de plaats waar we altijd wonen en weer thuis komen. En een ontwaakt wakker mens is iemand die nieuwsgierig is en onderzoekt welke relatie er bestaat tussen innerlijke (gevoelens, gedachten, ervaringen) en uiterlijke omstandigheden (maatschappelijke voorwaarden), tussen subject en object.
Definitie van Boeddhisme
Nichtern zoekt naar een actualisatie van het boeddhisme en schrijft: ‘De meesten van ons zijn niet op zoek naar een nieuwe religie, maar prefereren een sociaal relevante en ethisch verantwoorde psychologie en filosofie’. Zo komt hij tot een eigen definitie die als volg luidt: Een boeddhist is iemand die prioriteit verleent aan de relatie met haar eigen hoofd-hart en haar relatie met andere levende wezens, en dat boven alle andere dingen plaatst die ze in haar leven zou kunnen bereiken.
Karma, meditatie en open ruimte.

Het begrip Karma wordt door Nichtern beschreven als het geheel van gewoontepatronen die je als mens inzet om situaties in te schatten en aan te kunnen. Onze geest en ons lichaam zijn geprepareerd op basis van karmische ervaringen uit het verleden. Dit karma functioneert als een cocon om ons geborgen en thuis te voelen in de ervaring. Het is een beschermingsmechanisme dat ooit functioneel was, maar nu als een gestold patroon kan werken en ons programmeert in ons handelen nu. Meditatie die ons opmerkzaam en gewaar maakt in het nu, is een oefening om de gevoelens van het nu werkelijk te ervaren en met mededogen naar je zelf en anderen te kijken als het gaat om deze gevoelens en gedachten. Het loslaten van het moeten en aanvaarden van wat ‘is’. Dit voelen is de bepalende kenmerk van onze menselijkheid. Want als we ons meer bewust worden en ons gevoel af stemmen op ons hoofd-hart, gaan we inzien hoe kwetsbaar we ons in werkelijkheid voelen.
Het moment van voelen wordt gevolgd door een open ruimte. We weten nog niet hoe we gaan reageren. Het is eigenlijk een tussenruimte van vrijheid met aan de ene kant het gevoel in het moment en aan de andere kant de vervolgstap. Ofwel de gewoonlijke reactie vanuit het karma of een alternatieve reactie. Dit in de open ruimte blijven is een moeilijke en kwetsbare ervaring. Dit moet je ‘uithouden’. ‘In de open ruimte blijven’. Het is in ieder geval geen gelukzalige ruimte. Eerder een plek waar je moed voor nodig hebt om te verkeren. Het mediteren helpt om hier ontvangend en kwetsbaar aanwezig te zijn. Het vraagt om vertrouwen en nieuwsgierigheid om ongewis een volgende stap te zetten zonder impulsieve gewoontereactie. Het helpt je om te werken met en vertrouwd te worden met de ruimte tussen voelen en reageren. Maar dit allemaal vraagt om dapperheid. Er zijn vervolgens verschillende meditatietechnieken met een verschillende uitkomst (analytisch, visualisatie en gevoelsmeditatie)
Karma of ego

Bij het vertalen van boeddhisme naar de westerse situatie is er verwarring over de begrippen karma en ego. Nichtern probeert te orde te scheppen. Veel boeddhistische goeroes spreken over het elimineren van het ego. Nichtern stelt dat het begrip ‘ego’ binnen het boeddhisme anders is dan in de freudiaanse driehoek id, ego en superego. Het probleem zit niet in het opheffen van het ego, het boeddhisme bekritiseert alleen een vastgelopen zelfbeeld, maar niet het functionerende, voelende en ervarende aspect van de persoon. Rinpoche spreekt daarbij over de persoon als cocon. Hij doelt daarbij op de beschermde ruimte van de cocon, een tijdelijke behuizing van groei en transformatie op weg naar volwassenheid. Een vastgelegd zelfbeeld is gevaarlijk, omdat de groei dan niet plaats vindt. Je kunt dus onderscheid maken tussen het vastomlijnde zelf (of figuratieve ego) en het zelf als proces, wat een meer functioneel of contextueel bestaand idee is van wie we zijn.
Mens en medemens. Bodhicittva

Het pad van ontwaken is niet een persoonlijke, maar een gedeelde reis. Dit is, omdat we onszelf nu eenmaal niet los kunnen maken uit onze relaties. Van een meer naar binnen gerichte benadering van zelf gewaarzijn naar een meer relationele benadering van hoe we met anderen omgaan is een natuurlijke verbreding van het spectrum van boeddhisme. Een passend beeld is de instructie in een vliegtuig als het gaat om het zuurstofmasker: Als je eenmaal je eigen zuurstofmasker hebt opgezet, is het je verantwoordelijkheid om anderen te helpen. Iemand die probeert volledig aanwezig te zijn in zijn relaties wordt binnen het boeddhisme bodhisattva (wezen (sattva) dat naar verlichting (bodhi) streeft) genoemd. De opdracht is om de tegenstelling persoon en sociale omgeving te combineren. Beiden zijn onderdeel van de weg naar verlichting. Bodhicittva kent het onvoorwaardelijke aspect die zich manifesteert los van tijd en ruimte en een relationeel aspect dat zichtbaar is in menselijke relaties als de kracht van mededogen. Nuchtere gebruikt verschillende beelden om dit streven naar verlichting duidelijk te maken. Naast het ‘trainen van mentale spieren’ door meditatie spreekt hij over tuinieren. Zoals mentale spieren als opmerkzaamheid, en mededogen moeten worden gecultiveerd worden in de tuin ook wortelgewassen gecultiveert. De ultieme bodhicittva, het open gewaarzijn betekent niet dat je niets moet doen. Een nieuw passend beeld is afstemmen op de juiste frequentie van een radio. Afstemmen op en in contact komen met een bepaalde vorm van gewaarzijn die al in ons bewustzijn aanwezig is.
In het kader van de ultieme bodhicittva spreekt Nichtern over zijn eigen ervaring in het omgaan met emoties. Hij schrijft:
‘Dit soort openheid schept een ruimte waar we niet langer het gevoel hebben dat emoties ons aanvallen als ruimtewezens van een andere planeet. Onze emoties zijn vanuit het standpunt van ultieme bodhicitta gewoon op bezoek, als welkome gasten in ons huis. Vanuit het standpunt van zintuigelijke en lichamelijke ervaring zijn emoties een zesde zintuig, dat een eigen kennis en schoonheid bevat die we niet hoeven te beamen of te verwerpen. Als we open willen zijn, vallen onze gevoelens ons niet meer aan.’ p. 131
Bodhicitta stelt ons in staat tot empathie en mededogen voor de ervaring van een ander mens, interesse te voelen en eventueel liefde te tonen. Dit cultiveren we door oefeningen gebaseerd op een ethiek. De sleutelwoorden zijn: vrijgevigheid; discipline (aanwezig zijn bij anderen); geduld (omgaan met woede); energie en ijver, meditatie; en wijsheid. Werken aan bodhicitta vraagt om heldere communicatie, moet niet vervallen in dom mededogen en is gebaseerd op een goede verhouding tussen leraar en leerling. (p. 139-196)
Relatie met de samenleving.

Het laatste hoofdstuk begint de schrijver met een mooi citaat van Arundhatie Roy.
‘Net als ik (..) zou je zo onfortuinlijk kunnen zijn dat je op een stille oorlog stuit. Het probleem is dat als je die eenmaal hebt gezien, je de ogen er niet meer voor kunt sluiten. En als je het eenmaal hebt gezien, wordt zwijgen, niets zeggen, net zo politiek geladen als protesteren. In beide gevallen ben je verantwoordelijk’. p. 246.
In dit hoofdstuk wil Nichtern duidelijk maken dat een boeddhistische levenshouding of praktijk altijd drie dimensies in balans wil houden. Persoonlijk geluk is niet los te denken van welbevinden van anderen in je omgeving en de samenleving als geheel. De reis van het individu en de reis van de samenleving zijn van elkaar afhankelijk. Persoonlijke transformatie en sociale transformatie zijn met elkaar verbonden. De wereld is onderdeel van spirituele oefening. Grondidee hierachter is allereerst persoonlijke verantwoordelijkheid. Er is geen verlosser die je kunt vereren of die je komt redden. Je bent zelf verantwoordelijk voor je eigen reis reis van je hoofd naar je hart (en terug). Een tweede grondidee is dat niets gebeurt in een lege ruimte. Alles wat je doet is mede bepaald door mensen om je heen. Dingen en mensen zijn met elkaar verbonden. Je ouders hebben je taal geleerd, voorouders hebben uitvindingen gedaan, je huis is warm omdat er mensen in de elektriciteitscentrale werken of gas naar je huis hebben getransporteerd. Kortom: De twee uitgangspunten persoonlijke verantwoordelijkheid voor karma en onderlinge afhankelijkheid hangen samen. Als we de onderlinge afhankelijkheid van de dingen inzien, zien we het ware belang van persoonlijke verantwoordelijkheid. Het doordenken van deze uitgangspunten maakt veel verschil. Als we onderlinge afhankelijkheid inzien, ervaren we onszelf ook meer verbonden, moedig en empathisch.
Vanuit dit basis idee ontwikkelde zich het idee van transformationeel activisme met als doel mensen te stimuleren om op drie niveaus te werken aan bewustzijn en betrokkenheid.
- 1. Persoonlijke beoefening – leven in gewaar zijn.
- 2. Interpersoonlijke beoefening – wakker worden in relaties.
- 3. Collectieve beoefening – naar een verlichte samenleving.
Vervolgens spreekt de schrijver over twee soorten paradigma’s of samenlevingsvormen. De verwarde samenleving v.s. de verlichte samenleving. Het eerst kenmerkt zich door het paradigma van angst en wantrouwen gebaseerd op drie S en: scared, selfisch en seperate. Ofwel: angstig, egoïstisch en geïsoleerd. Daartegenover zet hij een insteek die gaat over het positieve in de vorm van de drie C woorden: courageous, compassion, en connected. Ofwel: moedig, compassievol en verbonden. Als je in je levensvisie en praktijk uit durft te gaan van de fundamentele goedheid van mensen en onze samenleving dan raken de angstwoorden meer op de achtergrond. Je gevoel van eigenwaarde bepaalt ook je visie op je eigen ontwikkeling, de omgang met mensen en omgang met vragen die in de wereld spelen. Meditatie en begeleiding kunnen je daarbij helpen bij deze weg van ontwaken.
Filosofie en raakvlakken met de westerse filosofie.

Op een paar plekken in het boek is Nichtern in gesprek met het specifieke gebied van waarheid en kennis. Zoals op de pagina’s 32-34 wanneer het gaat over de verschillende stromingen van het materialisme. Van hen zegt hij dat ze uitgaan van twee waarheden: a. het leven is kort en b. plezier is een stuk prettiger dan pijn. Misschien een wat al te summiere samenvatting, maar hij wil graag zijn inspirator Rinpoche aan het woord laten die vragen stelde bij de materialistische tendens om de werkelijkheid te objectiveren in de vorm van tastbare bezittingen en de grote nadruk op consumptie en onmiddellijke behoeftebevrediging. Dat objectiveren is ook te zien in het verbinden van ‘thuis’ met bijvoorbeeld fysiek comfort. Op intellectueel niveau kunnen ideeën of ideologieën helpen om de werkelijkheid te analyseren en is het de bron van technologie, kunst en debat. Maar ideeën kunnen niet de ervaring vervangen. De plattegrond van Barcelona is nooit gelijk aan de ervaring van een bezoek aan de stad. De fixatie op ideologieën die andere ideeën uitsluiten is ook een vorm van materialisme. Van spiritueel materialisme is sprake als we krampachtig bepaalde fijne emoties en ervaringen willen hebben, maar andere emoties zoals jaloezie of woede ontlopen. Of we branden wierook en hebben beeldjes in huis, maar net zo lang tot de geur ons gaat vervelen en de glans van de beeldjes af is. Gevoelens onderdrukken is een vorm van mentale zelfdestructie of innerlijk geweld. In de boeddhistische traditie is dit de wortel van structurele hebzucht, haat en vermijdingsgedrag. Als we echt uitgaan van de verlichting van hoofd-hart dan zouden ook emoties als verdriet, woede, teleurstelling, eenzaamheid en zelfverwijt een plek moeten hebben naast gevoelens van liefde, verbinding en tevredenheid. De kern is dat we op het pad van het ontwaken vol mededogen zijn met alles wat ons pad kruist. ‘De weg naar huis is een menselijke reis dwars door alle gevoelens heen, en er niet om heen’. p. 37

Op p. 129 gaat hij in op een dieper vraagstuk van hoe tot kennis te komen. Nichtern laten zien dat er tussen het boeddhisme en het postmodernisme raakvlakken zijn. Hij schrijft: ‘Terwijl het boeddhisme net als het postmodernisme de vele subjectieve en culturele aspecten van de ervaring onderstreept, voegt het mahayanaboeddhisme daar op provocerende wijze aan toe dat er aspecten van de ervaring zijn, aspecten van het bewustzijn zelf, die niet gehouden zijn aan een bepaalde oorzaak of conditie. Ultieme bodhicittva, de basisnatuur van gewaarzijn, die open is en voor alles ruimte maakt, is daar een voorbeeld van’. Na de deconstructie van de objectieve werkelijkheid blijft er een gewaarzijn over dat open blijft voor de ervaring , en oog heeft voor alles wat er gebeurt. Deze vorm van gewaarzijn is ten diepste onvoorwaardelijk (en de enige plek waar we ‘thuis’ kunnen zijn) en die scheiding tussen subject en object , de afstand tussen de ervaring en objectieve werkelijkheid opheft. Via de taal kun je zo associatief dieper komen en betekenis verlenen aan de basiservaring die niet gemanipuleerd is door de omstandigheden.
Jammer dat hij niet wat vaker de verschillende aanvliegroutes tussen westers en oosters denken naast elkaar zet.
3. Eigen reflectie

- Bij de lezing van dit boek was ik wat in verwarring. Is boeddhisme wel een filosofie en hoort het op de lijst van Senia thuis? Is het niet meer een verzameling van psychologische technieken? Of is boeddhisme een religieuze stroming? Ik besef nu beter dat een denkwijze als het boeddhisme die al 2500 jaar bestaat en zich steeds verder ontwikkelt vroeger die verschillende aspecten bundelde, maar dat we tegenwoordig over zeer verschillende vakgebieden spreken met afgebakende terreinen. Boeddhisme zou je een praktische levensfilosofie kunnen noemen met immanente religieuze trekken.
- Ik weet dat er in kloosters gebruik gemaakt wordt van boeddhistische meditatietechnieken. Ik begrijp nu beter dat boeddhistische denkwijzen inpasbaar zijn in een bestaande levensbeschouwing en dat er ook veel raakvlakken zijn met meer westerse manieren van kijken en denken.
- Dat het boeddhisme zoveel weerklank vindt in deze tijd is dat het goed aansluit bij het denken in deze tijd over ons zelf. We willen geen leider die zegt wat moeten doen of geloven en ook staan afkerig tegenover waarheden die we niet kunnen aannemen (lopen over water, leven na de dood) Je kunt goed winkelen in het boeddhistisch gedachtengoed (mediteren, wierook branden, het biedt hulp als je worstelt met een teveel aan impulsen en lastige anderen op het werk of in de familie. En ten slotte geeft het een aantal sleutelwoorden en ethische handreikingen (de vijf ethische contemplatie woorden 1. leven bevorderen 2. vrijgevigheid 3. waarachtigheid 4. Verantwoordelijke seksualiteit en 5. verantwoorde consumptie) waar je mee in gesprek kunt zijn. Kortom het sluit goed aan bij een geïndividualiseerde en op vrijheid gerichte levenshouding.
- Soms zijn de denkbeelden van Nichtern wat schematisch dualistisch. Ofwel je bent de nomadische materialist die alleen maar uit is op directe bevrediging en voortdurend nieuwe prikkels. Of je gaat het pad van verlichting.
4. Links

Ontdek meer van Filosofie lezen
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.
